Als kunsthistoricus ben ik verbonden aan de Afdeling Kunstgeschiedenis van
de Radboud Universiteit Nijmegen, voorheen de
Katholieke Universiteit Nijmegen. Vier vaste-stafleden,
waaronder ikzelf, en een viertal promovendi en
onderzoeksmedewerkers vormen tesamen de personele
bezetting van de sectie ‘vroeg-christelijke en
middeleeuwse kunstgeschiedenis’:
Dr Hanneke van Asperen verricht onderzoek uit naar pelgrimsinsignes,
souvenirs, uit de late Middeleeuwen. Haar proefschrift gaat bijvoorbeeld over dergelijke
insignes die met naald en draad in devotionele handschriften werden genaaid:
aldus bleven ze een rol spelen in het spirituele leven van de naar huis
teruggekeerde pelgrim.
De Afdeling Kunstgeschiedenis heeft een
hoogleraar in de geschiedenis van de vroeg-christelijke
kunst en architectuur. Prof. dr Sible de Blaauw
bezet deze persoonlijke leerstoel die vernoemd is naar wijlen
prof. dr Frits van der
Meer.
Drs Svenja Boßmann
heeft een onderzoeksplaats aan het Centrum voor
Promotieonderzoek van de Radboud Universiteit. Zij werkt aan een groot onderzoek
naar de decoratie van handschriften die voortkomen uit middeleeuwse huizen van
de Moderne Devotie.
Prof. dr Jos Koldeweij
promoveerde op een studie over de heilige Servatius
van Maastricht. Zijn onderzoek en publikaties
betreffen onder meer de cultuur van christelijke pelgrimage (met
name pelgrimsinsignes), middeleeuwse schilderkunst van een overwegend
religieus karakter, en de cultus van relieken en kerkschatten. Historisch-geografische afbakening: Bourgondië,
Brabant in de late Middeleeuwen.
Drs Willy Piron
is hoofd van het Centrum voor Kunsthistorische Documentatie en daarnaast als
onderzoeksmedewerker bezig met de ontwikkeling van een gigantische database
van profane insignes en pelgrimstekens, Kunera geheten.
Dr Kees
van der Ploeg is de architectuurhistoricus van onze mediëvisten. Hij werkt
in deeltijd in Nijmegen en aan de Rijksuniversiteit Groningen. Hij publiceert
vooral over kerkelijke bouwkunst, maar bijvoorbeeld ook over altaarretabels in
Italië en over wandschilderingen in Nederland en Duitsland.
Drs Christel Theunissen werkt aan een enorme database van middeleeuwse misericordes
(onderdelen van koorbanken in kerken, met vaak groteske decoraties) uit geheel
Europa.
Onze
onderzoekers presenteren in principe tenminste eenmaal
per jaar op wetenschappelijke bijeenkomsten hun gegevens en resultaten. In de
besloten kring van onze stafleden en onderzoekers,
inclusief de zogenaamde ‘buitenpromovendi’, wordt soms een
studiedag belegd met rapportages over onderzoeksvoortgang en discussies.
Vrijwel jaarlijks organiseren wij een publiekssymposium. Het eerste symposium
werd op 6 juni 2003 gehouden. De programma’s van de publiekssymposia
vindt men hier:
· “Christelijk Cultureel
Erfgoed”, 6 juni 2003;
· “Middeleeuwse
lui- en speelklokken in kunsthistorisch perspectief”, 3 september
2004;
· “Met palster
ende scerpe: een symposium
over bedevaarten en pelgrims vanaf de Middeleeuwen tot nu”, 1 juli
2005;
· “Het portrait historié”, 1 december 2006
(samen met alle andere secties van onze Afdeling Kunstgeschiedenis);
· “Andermans veren: identificatie en rollenspel in het portrait historié”, 21
november 2008 (samen met alle andere secties van onze Afdeling
Kunstgeschiedenis).
Het
kunsthistorisch onderzoek dat wordt uitgevoerd binnen de sectie ‘vroeg-christelijke en middeleeuwse kunstgeschiedenis’
valt voor een groot deel onder het facultaire profileringsprogramma
“Christelijk Cultureel Erfgoed”. Over mijn eigen onderzoek vindt
men informatie op de betreffende www-pagina “Vroege
christelijke cultuur in Noordwest-Europa”.
Copyright © 2001–2009
C. A. Veelenturf
Deze webstekpagina’s zijn veranderlijk.
Datum van laatste wijziging: 29–12–2009